Historicus Willem Drenth is oud- Wiekster en enorm begaan met de geschiedenis van ons mooie Veenkoloniale dorp Ommelanderwijk. Vanaf dit najaar deelt Willem af en toe verhalen over de recente geschiedenis met u als inwoner via de dorpspagina.

We zitten nu in de nadagen van de zomer. Mijn gedachten gaan terug naar de augustusmaanden 1944/1946. Men zegt, dat men zich weinig van zijn eerste levensjaren kan herinneren, maar ik zie nog heel goed eind augustus 1944 voor me. Ik moest naar de kapper van mijn moeder, kapper Huisman, een aardige man, maar ik had er een hekel aan dat hij aan mijn hoofd zat te knippen. Ik herinner mij nog heel goed dat ik van huis naar de Noorderkwartier ging en ik tante Annie Koetje, onze buurvrouw, tegenkwam. Ze vroeg me waarom ik zo boos keek. Ik vertelde haar de reden waarop zij antwoordde: “Laat je toch kaalscheren”. Ik vond dat een geweldig idee. In die tijd hadden veel kinderen last van luizen, middelen om te bestrijden had men weinig, het enige juiste middel was – kaalscheren. Kapper Huisman aarzelde een beetje, maar ging toch tot de daad over om al het haar te verwijderen. Tante Annie had inmiddels aan mijn moeder verteld wat ze gezegd had tegen mij, waarop mijn vader direct de fiets nam en naar de kapper ging, te laat. Hij kwam me kaalgeschoren bij de Sluisbrug tegen. Ik liep voor langere tijd met een gebruind hoofd en een wit bovengedeelte door Ommelanderwijk. Mijn moeder verplichtte mij een pet te dragen, wat ik niet leuk vond. Af en toe deed ik hem af om haar te plagen.

Diezelfde middag, ging er heel veel vliegtuigen, misschien wel 50 stuks, komende uit Engeland, over De Wieke naar Noord- Duitsland om daar de steden te bombarderen. Een vloot van vliegtuigen. Toch opmerkelijk, dat een kind zoiets in z’n hoofd opneemt en dat ik nu als man op leeftijd het nog steeds voor me zie – de warmte van die dag, de ontzetting van moeder Neeltje, het immense geronk van de vliegtuigen en het gevoel van nader komende vrijheid.

Ook 31 augustus 1946 vergeet ik nooit. Koningin Wilhelmina was jarig. De gehele school onder leiding van meester Westerhof en de andere onderwijzers ging in een lange rij lopend naar Veendam, naar het Sportterrein waar in die tijd door de rijke Veendammers van de Veenlust Sociëteit paardenrennen werden gehouden, s’winters werd het terrein onder water gezet en kon men er schaatsen. Nu bevindt ze hier het Veendammer winkelcentrum, de parkeerplaats voor auto’s. Er werd gezongen, spelletjes gedaan en we kregen een glas ranja, de eerste glas ranja in mijn leven, een hele traktatie. Ik herinner mij, dat er meisjes waren die over hun jurken versieringen van oranje crêpepapier droegen. Op de terugweg op de Molenstreek overviel ons een fikse regenbui. U kunt zich voorstellen wat er gebeurde, alles werd oranje. Huilpartijen! Het was misschien de enige mooie jurk, die de meisjes hadden. De jongetjes moesten erg lachen.
Ik groet de Wieksters, Willem Rieks Drenth
Naschrift redactie: de afbeeldingen in dit artikel zijn door de auteur aangeleverd. Ondanks onze inspanningen is het niet gelukt om de rechtmatige eigenaar te achterhalen; gezien de leeftijd van de afbeeldingen. Indien er – gemotiveerd – bezwaar bestaat tegen het afdrukken van de afbeeldingen op deze pagina, verzoeken wij de rechtmatige eigenaar via het contactformulier contact met ons op te nemen. De afbeeldingen worden dan van onze server verwijderd.